Gilles Peress
Scalo Books
ISBN: 188161638
€30 Internet
160 pagina's
In 1994 reisde Peress door Rwanda, in de nadagen van de genocide, om in het kader van zijn project de directe gevolgen van de klassenstrijd tussen Hutus en Tutsis vast te leggen. Met dit boek is Peress verder gegaan dan in Farewell to Bosnia, dat ook veel schokkende beelden bevatte. The Silence wekt walging en ontzetting op, althans het grootste deel van het boek. De gruweldaden in Rwanda kwamen, mede door de aandacht van de media voor het conflict op de Balkan dat in dezelfde tijd plaatsvond, nauwelijks in de media. Maar de aandacht die er voor was, bleek schokkend. Toch zijn de beelden die Peress er maakte erger dan wat de media toonde. The Silence doet denken aan de beelden van de vernietigingskampen uit de Tweede Wereldoorlog van George Rodger en Margaret Bourke-White. Ondanks deze herinnering zegt Peress dat voor deze gruweldaden een historische benadering onmogelijk is. Het boek, zeker het begin ervan, ademt, meer dan zijn voorganger, dood uit. De bladzijden zijn aan de zijkant gedompeld in zwart inkt, waarmee het boek des te meer een krachtige aanklacht wordt.
‘The immensity of this crime is beyond our imagination and is only surpassed by the unbelievable indifference of the West and the developed nations who would have been able to intervene and prevent the crime…The questions raised here is if man is fundamentally
good or bad, if there is a possible redemption, if there can be compassion and solidarity.’
Sterker nog dan in Farewell to Bosnia richt Peress zijn pijlen op de onverschillige regeringen van Europa en Noord-Amerika. Wederom is er weinig tekst, hoewel de situatie in Rwanda nu in context geplaatst wordt door een pamflet geschreven door Alison Des Forges van Human Right Watch. Maar ook al gebruikt Peress ditmaal weer weinig tekst, de tekst die hij gebruikt heeft een bedoeling. Het zijn bijna bijbelse teksten en met deze teksten verdeelt hij het boek in drie stukken. Met de hoofdstukken ‘The Sin’, ‘Purgatory’ en ‘The Judgement’ creëert hij orde in wat een totale chaos lijkt. Verder begint en eindigt hij het boek met foto en tekst over een moment waarin Peress direct geconfronteerd wordt met een van de moordenaars.
Rwanda
Kabuga 27 may 1994
16h:15
A prisoner, a killer is presented to us,
It is a moment of confusion, of fear,
Of prepared stories.
He has a moment to himself.
Rwanda
Kabuga 2 may 1994
16h:18
as I look at him he looks at me.
Meer dan zijn vorige werk is hier een vergelijking, in woord en beeld, met de Bijbel aan de orde. Peress, die overigens geen christelijke achtergrond heeft, begon zichzelf tijdens zijn werk in Rwanda fundamentele vragen over goed en kwaad te stellen. Hij kwam tot de conclusie dat de mens voor minimaal 50% kwaad in zich zou hebben. Een indringend beeld waarin op een huis het woord ‘Hutu’ geschreven staat doet denken aan het verhaal uit het Oude Testament waarbij de Farao tekens op de deuren van de Israëlieten liet zetten. Maar in tegenstelling tot het Bijbelverhaal bood in Rwanda het woord ‘Hutu’ op een deur bescherming, aangezien de Tutsis afgeslacht werden. Desalniettemin is een vergelijking niet te ontkennen.
Dit voorbeeld van Bijbelse herkenning heeft Peress niet zelf in gang gezet, de lijken en teksten op deuren waren immers daar. Toch creëert Peress zelf ook een connectie met het religieuze. Dat zit hem in de driedeling van het boek. Eerst de zonde en na de vervolging de straf. Door die keuze in het boek te maken plaats Peress zich boven zijn onderwerp. In kritieken wordt geschreven dat hij zich daarbij een goddelijke rol aanmeet, maar dat gaat te ver. Misschien dat Peress een structuur probeert aan te brengen op een plek waar geen structuur zou zijn, maar hij laat wederom de lezer oordelen. In haar kritiek schrijft François Debrix van de universiteit van Florida dat Peress, door gebruik te maken van deze bijbelse thematiek, ook probeert te tonen dat verlossing en verzoening mogelijk is in Rwanda. Dat de moordenaars geen monsters maar mensen worden in het boek. Dat is een totaal absurde beschuldiging. Peress schept orde, en ondanks het lijkt dat Rwanda in totale chaos verviel, was de genocide georganiseerd. De orde heeft Peress voor zichzelf geschapen. Dat Peress in zijn boek een moordenaar toont die in een tweede foto direct in de camera kijkt zorgt er niet voor dat de lezer medelijden krijgt met de man. Het blijft een moordenaar, die, misschien, spijt heeft. Peress geeft de moordenaars hiermee weliswaar een gezicht, maar alleen een simpele ziel zal door dit beeld anders tegen de genocide aankijken. De kritiek dat Peress een rechtsprekende god lijkt is eveneens vreemd. De straf die de moordenaars, de Hutu’s treft komt in het boek al naar voren. Het is niet Peress die straft, geen rechter, maar de natuur.
In het tweede deel van het boek, ‘Purgatory’, bevinden de moordenaars en hun families zich in het vagevuur. Ze lijken op weg naar de definitieve straf. In beelden leidt dit tot foto’s van een massale vlucht van Hutu’s naar Tanzania. Dat is een zware beproeving, maar om aan de wraak van de Tutsi’s te ontkomen hebben zij geen keuze. De finale van het boek is te vinden in ‘Punishment’. De Hutu’s leven in vluchtelingenkampen aan de grenzen van Rwanda. Daar worden zij in grote aantallen getroffen door cholera. De beelden zijn net zo schokkend als de beelden van de afgeslachte Tutsi’s. Juist deze beelden roepen de herinneringen op aan de Duitse concentratiekampen. Zoals in het eerste deel zijn wederom duizenden onschuldige slachtoffers, maar nu kijkt de lezer naar de beelden met de wetenschap dat er zich tussen de lijken ook misdadigers bevinden.
The Silence toont de donkerste kant van het leven. Het oordeel voor de menselijke zonde lijkt al te zijn geveld, maar wederom blijft zelfs nu het laatste oordeel bij de lezer. Het boek zal bij velen een afkeurende reactie teweegbrengen. De discussie waarin mensen menen niet geconfronteerd te willen worden is van toepassing op dit boek. Maar misschien is juist de bedoeling van Peress om juist die mensen die deze beelden niet willen zien te confronteren met de dingen die gebeuren en ze daarmee te dwingen na te denken over hun eigen, en de rol van hun volksvertegenwoordigers, in dit geheel.
Laatste reacties